31-01-2023

Apostelconvent: de wet in het hart

Opvallend is dat de apostelen tijdens het zogenaamde‭ ‬‘apostelconvent’‭ ‬in Jeruzalem‭ (‬Hand:15‭) ‬niet de weg kozen van de‭ ‬christen‭ ‬geworden‭ ‬Joden‭: ‬zij hielden de hele Torah‭, ‬lieten zich besnijden‭, ‬waren dagelijks in de Tempel bij het morgengebed en avondgebed‭ = ‬het Psalmlofzang rond het dagelijks lamoffer‭, ‬hielden zich aan de shabbat en vierden de Bijbelse feesten‭ (‬Paulus wilde met Shawuòth/Pinksteren in Jeruzalem zijn‭, ‬Hand‭. ‬2:46‭). ‬De christengeworden Joden wilden dat alle gelovigen uit de heidenen zoveel mogelijk hetzelfde‭ ‬zouden doen‭. ‬Voor pas bekeerde heidenchristenen was dit niet alleen een al te radicale en bijna onuitvoerbaar programma‭, ‬maar het was ook niet in de lijn van het jonge christelijke geloof‭. ‬Immers dit jonge geloof onderstreepte in de lijn van Mozes en de Profeten dat zowel de‭ ‬bevrijding‭ ‬uit de greep van de zonde als de radicale‭ ‬levensvernieuwing‭ ‬of levensheiliging een puur Godswerk is‭, ‬puur het werk van Jêhoshua`‭(= ‬Hij bevrijdt‭) ‬en van Zijn Geest‭: ‬deze Heilige en heiligende Geest Zelf zal de wet‭, ‬de Aanwijzingen Gods voor het Goede Leven inschrijven in de harten van de gelovigen‭ (‬Jer. 31:33,34‭). ‬Zoals eertijds God Zijn richtlijnen Zelf schreef op de Stenen Tafelen‭ , ‬zo schrijft Hij die nu op de tafels van ons hart‭. ‬De brief aan de Hebreeën onderstreept dit‭: ‬‘Ik zal mijn wetten in hun harten leggen en die ook in hun verstand schrijven‭ (‬Hebr. 10:16‭)‬’

Typische verschil tussen Joden en Christenen‭: ‬niks laten opleggen‭!‬

We raken hier een typisch verschil tussen het Joodse volk‭, ‬Gods eersteling en ons hier als gemeente uit de volken‭. ‬Bij het Joodse volk heeft God Zijn Torah van buitenaf op gelegd‭: ‬‘Hoor Israël’‭= ‬geef gehoor‭, ‬doe wat Ik jullie gebied‭. ‬Maar aan ons Christenen wordt niets buitenaf opgelegd‭, ‬het moet bij ons van‭ ‬binnenuit‭ ‬komen en anders gaat er iets mis‭. ‬Daarom als iemand een opgelegd gevoel krijgt bijv‭. ‬bij het geven van de tienden‭, ‬moet hij of‭ ‬zij het beslist niet doen‭, ‬mag hij het zelfs niet‭, ‬want dit leidt tot wetticisme en het verleidelijke gevoel van‭: ‬‘ik doe hier even een goed werk‭, ‬wat ben ik toch weer braaf bezig‭!‬’‭ ‬Wij Christenen mogen niks doen wat ons opgelegd wordt‭ ‬‮–‬‭ ‬wij moeten alleen een paar dingen‭ ‬niet‭ ‬doen‭: ‬zoals iets eten wat aan de afgoden is gewijd‭, ‬hoererij en geen bloed ete (‬zie Hand‭. ‬15:20‭.) ‬

Maar verder ons niks van buitenaf laten opleggen‭. ‬Voor ons Christenen geldt maar één gebod‭, ‬het gebod van Jêhóshua`‭: ‬‘Blijf bij Mij’‭. ‬Dat is‭: ‬blijf bij Mijn Woord en blijf in het Krachtenveld van Mijn Geest‭. ‬Want door Zijn Geest wil Hij de Torah inschrijven in‭ ‬ons hart‭. ‬De Torah‭, ‬dat is de Liefde Gods‭, ‬dat is Jêhoshua`‭ ‬Zelf‭, ‬want Hij is de Liefde van God in levende lijve‭. ‬En de liefde‭ ‬is de vervulling van de wet, zegt Paulus in Rom 13‭: ‬8‭: ‬‘wie lief heeft‭, ‬heeft de wet vervuld‭.’