Onze huidige oververstedelijkte samenleving is het resultaat van een belangrijke maatschappelijke ontwikkeling in onze geschiedenis: de komst van het massale machinaal produceren. Deze industriële revolutie, begin 19e eeuw, maakte dat wereldwijd het overgrote deel van de bevolking uittrok naar de steden om in de fabrieken te werken en daardoor noodgedwongen dicht opeen moesten wonen om in levensonderhoud te voorzien.
Deze revolutionaire ontwikkeling vormde de basis voor een nieuwe samenleving waarin de mens langzamerhand steeds verder losraakte van de aarde, van het landleven met zijn ploegen, zwoegen en zweten. En hoewel deze ‘plattelandse’ uittocht veel positieve veranderingen met zich meebracht, kenmerkt onze verstedelijkte samenleving zich door het Egyptische leven uit de Bijbelse tijd.
Egypte is namelijk een land van dubbelheid, van tweeslachtigheid (de Hebreeuwse naam Mitsrajim is opvallend genoeg ook grammaticaal gezien een tweevoud-vorm). Aan de ene kant is het leven in het land langs de Nijl uitzonderlijk goed: er is eten genoeg, vruchten volop en ook vlees (de ‘vleespotten van Egypte’). Maar aan de andere kant is het er verschrikkelijk slecht: er is een voortdurende druk van het ‘slovende slavenleven’; men wordt opgejaagd, men moet steeds meer presteren, produceren; men is gevangen in een verstikkende structuur, in een knellend dwangsysteem.
In ons moderne ‘Egypte,’ een over-verstedelijkte samenleving (met haar toenemende 24-uurs economie) kennen wij diezelfde dubbelheid. Enerzijds is het hier benijdenswaardig goed: een hightech-samenleving met al zijn gemakken, er is ontzaglijk veel om intens van te genieten. Maar anderzijds is er de voortdurende druk, de gejaagdheid en de verontreiniging van de leefomgeving. Het wonen in overbevolkte steden brengt zelfs een aantal bewezen gezondheidsrisico’s met zich mee.
Er zijn verschillende onderzoeken die aantonen dat psychiatrische ziekten, zoals schizofrenie, verslavingen, depressies en ADHD, vaker voorkomen in dichtbevolkte gebieden1). Daarnaast bleek uit een grootschalig politieonderzoek in 2004 dat hoe groter de stedelijkheid van de gemeente is, des te hoger de kans is dat een inwoner slachtoffer wordt van geweld of diefstal. De industriële revolutie ontstond rond 1750 in Engeland, maar verspreidde zich pas later naar andere landen, waaronder Nederland. Sindsdien is er ook een toename van geweld en psychiatrische ziekten in alle Westerse landen. Deze ‘maatschappelijke’ symptomen zijn uitingen van een zieke samenleving waardoor we ondanks de voordelen terug zijn in een modern ‘Egypte’2).
Digitaal of Ana-loog?
Naast deze industriële revolutie is er in de laatste decennia nog een andere ontwikkeling geweest in onze samenleving: een ‘digitale’ revolutie. Ook voor deze technologische stap geldt eenzelfde dubbelheid: aan de ene kant geeft technologische ontwikkeling ongekende mogelijkheden tot communicatie en kennisvermeerdering. Maar aan de andere kant zien we, paradoxaal genoeg, juist een individuele vereenzaming en een verarming van het persoonlijke kennisniveau. Terwijl het ‘communicatieve’ internet zijn hoogtij viert blijkt in 2012 bijna 40% van de bevolking van 19 jaar en ouder emotioneel of sociaal eenzaam te zijn3).
Een ware samenleving kenmerkt zich niet door een internet, dat alles en iedereen onderling verbindt zonder doel op zich, maar een vangnet, dat mensen onderling verbindt om de naaste te ondersteunen, gebaseerd op Gods richtlijnen. Mede door de laagdrempeligheid en ongeremdheid van het internet en sociale media is onze democratie4) verworden tot een mediacratie, waarin diegenen die het eerst en het hardst roepen het gelijk behalen. De snel opeenvolgende technologische ontwikkelingen, de 24-uurs-slaafse economie en de daardoor ontstane kille en eenzame maatschappij zorgen voor een ‘wereldwijde’ verwarring.
Een moeilijke vraag die de dubbelheid van dit ‘industriële’ en ‘digitale’ Egypte bijna dagelijks oproept is: Moeten we verder digitaal of blijven we analoog? Een ‘duivels’ dilemma, want wie blijft er als enige achter als analoge zonderling? Misschien is het daarom beter deze vraag te beantwoorden vanuit Bijbels Hebreeuws perspectief. In Genesis 2 lezen we: ‘Toen formeerde de HERE God de mens van stof uit de aardbodem’. Hoewel dit in de verschillende Bijbelvertalingen niet naar voren komt, is er in het Hebreeuws sprake van een interessante woordspeling. Hier staat namelijk dat de mens, אדם ’ádám, gevormd werd uit de aardbodem, de ‘adámáh. Vanuit het Hebreeuws bezien verwijst het woord mens, adam, naar de aarde en is ook letterlijk terug te vinden in het woord אדמה ’adámáh (De vertaling ‘aardmens’ zou wellicht hier beter passen). Als ‘aardmens’ moeten we dus verbonden blijven met de aarde en heeft de mens een ‘bewerkelijke’ en ‘onderhoudende’ taak naar de aarde: ‘De HEERE God nam de mens, en zette hem in de hof van Eden om die te bewerken en te onderhouden’ (Genesis 2:15).
Interessant is de oorspronkelijke betekenis van het woord analoog. Het woord analoog5) is eigenlijk afgeleid van twee Griekse woorden: ana (= terug) en logos (= woord). De vraag is dus niet: Gaan we digitaal of analoog? Maar gaan we digitaal of ana-loog? Ana-logos, terug naar het Woord, naar Zijn Woord. We kunnen niet de weg terug, maar wel terug naar de Weg, is een Joods gezegde. We kunnen niet terug naar vóór de tijd van de industriële en digitale revolutie6), maar we kunnen nog wel terug naar de Weg die Israëls God in Zijn Torah heeft gewezen voor een vrije, mondige, humane en welvarende samenleving.
Wellicht kunnen voor de nabije toekomst technologie en groene energie zorgen voor een derde revolutie (naast de industriële en digitale revolutie) zoals betoogd door J. Rifkin in zijn boek ‘The Third Industrial Revolution’. Wellicht kan een dergelijke ontwikkeling een opstap zijn voor de ‘terug naar de weg’-beweging en opent een dergelijke technologische ontwikkeling de mogelijkheid voor mensen om uit de ‘slaafse’ steden te trekken en kleinschalig te wonen op hun eigen land in huizen met eigen (zonne-, wind- of geothermische) energie productie en opbrengsten van het land? Een ieder onder zijn eigen wijnstok en vijgenboom als vooruitzicht op het Messiaans tijdperk.
Terug naar de oorsprong-Genesis
Gelijktijdig met de ‘digitale’ revolutie ontstond in de jaren negentig de mogelijkheid voor grootschalig genetisch onderzoek. Dit leidde 25 jaar geleden tot een wereldwijd project om het menselijke genoom, het volledige erfelijke materiaal, te ontrafelen. Sindsdien speelt genetica niet alleen een prominente rol in de Westerse geneeskunde en wetenschap, maar eigenlijk in alle onderdelen van onze maatschappij. Het genetisch of biologisch denken vormt het uitgangspunt van ons denken waardoor het idee is gevormd dat de mens alleen biologisch is, een elektrochemisch fabriekje, dat alleen een voortvloeisel van erfelijke bouwstenen is zonder vrije wil, zonder geest. Is de mens alleen biologisch (genetisch) of meer dan dat? Het Griekse denken heeft hierin een duidelijke grens getrokken: het fysische is gescheiden van het geestelijke, het metafysische7).
Dit denken wordt gek genoeg door velen onderbouwd met het feit dat 98% van het menselijk DNA overeenkomt met de chimpansee. Waardoor een luttele 2 procent8) garant moet staan voor de puur menselijke kant: onze creatieve geest met zijn kunst, muziek en taalgevoeligheid, maar ook onze zelfreflectie en soms verrassende onbaatzuchtigheid. Antropologen beweren dat onze samenleving kenmerken vertoont van een groep apen. Toch lijkt hier sprake van een op het Griekse éénlijnig denken gebaseerd antropomorfisme waarbij menselijke eigenschappen in dieren worden gelegd.
Het kwalijke hierin is niet dat dieren op mensen kunnen lijken, maar dat een vrijbrief wordt gegeven aan mensen om zich als dieren te gedragen. Bovendien wordt geïmpliceerd dat de mens geen keuze heeft om zich anders te gedragen: het ‘mens-zijn’ is een product van ons lichaam. Ondanks hoogstaande ontwikkeling in de genetica blijkt echter steeds meer dat het hier niet draait om onze erfelijke basis, maar juist om onze levensstijl. Niet alleen als het gaat om verschillende welvaartziektes, maar ook om onze morele status. Moeten we slechts op een Griekse manier, eenzijdig naar de mens kijken of juist ook een andere kant belichten, het Bijbels Hebreeuwse denken?
We zagen al eerder dat de mens weliswaar uit dezelfde aardbodem werd gevormd als de dieren. Ook al is de mens verbonden met de aarde, hij is niet gebonden aan de aarde. Genesis 2:6 beschrijft een interessante gebeurtenis die niet duidelijk in de Nederlandse vertalingen naar voren komt: ‘een damp, ‘éd, steeg op uit de aarde en bevochtigde de gehele aardbodem’ (Genesis 2:6). Het woord ‘éd betekent echter niet alleen damp, maar ook geest. Diezelfde aardbodem, waar de mens uit voort zou komen, werd eerst bevloeid met een damp, een geest. Het Hebreeuws laat dit zien doordat in het woord ‘adam twee andere Hebreeuwse woorden worden gevonden. Niet alleen het woord dám, bloed, maar ook het woord ‘éd, geest, vinden we terug in het woord ‘ádám.
We zijn meer dan alleen dám, bloed, meer dan ‘vlees en bloed’. De mens is ook een geestelijk wezen dat het aardse kan en mag ontstijgen. Leggen we ons neer bij wat ‘erfelijk’ bepaald is of laten we ons leiden door een Bijbelse levenswijze? Laten we onszelf vervallen tot dierlijke instincten, of streven we naar onze oorspronkelijk bedoelde natuur? Zoals het volk Israël uittrok uit Egypte en in de woestijn Gods instructies over de Bijbelse levensstijl aannam (Exodus 19:5-6), zo wordt ieder mens geroepen om uit te trekken uit het ‘geestelijke’ Egypte en geroepen om te worden tot een koninkrijk van priesters.
1. Een groot onderzoek, uitgevoerd door het Trimbos-instituut onder de Nederlandse bevolking, genaamd NEMESIS (Nederlandse Mental Health Survey en Incidentie Studie), toonde aan dat de psychiatrische ziektebeelden in stedelijke gemeenten hoger zijn dan in plattelandse gemeenten. In dit onderzoek werd een indeling gemaakt met verschillende categorieën van stedelijkheid in verhouding tot het jaarlijks voorkomen van psychiatrische stoornissen. Of het overigens bij ADHD gaat om een specifieke aandoening of dat dit ontstaat door te hoge eisen van de samenleving aan het individu, wordt zich door sommige critici afgevraagd.
2. Eén van die voordelen, de ontdekking van antibiotica, lijkt overigens de laatste jaren langzaam te verdwijnen door het ontstaan van steeds meer multi-resistente micro-organismen. Zullen we over 10 jaar terug bij af zijn, zoals vóór de ontdekking van penicilline een mens dood ging aan een simpele snijwond?
3. Dit landelijk onderzoek werd verricht door het nationaal kompas. Hierbij bleek bovendien dat ruim 8% van de bevolking nog eens ernstig of zeer ernstig eenzaam was. Uit het onderzoek bleek tevens dat gehuwden, wat voor velen tegenwoordig gezien wordt als een gedateerde manier van samenleven, de kleinste kans op sterke eenzaamheid hadden. Over Bijbelse levensstijl gesproken….
4. Het woord democratie is afgeleid van de Griekse woorden demos, dat volk betekent, en krateoo, dat heersen betekent.
5. In zijn huidige betekenis wordt het woord analoog meestal gebruikt als twee structuren die onderling een dezelfde of gelijkende functie hebben.
6. De oorspronkelijke betekenis van het woord revolutie was ook: Terugkeer in de tijd, afgeleid van het latijnse ‘revolutio’.
7. Oorspronkelijk betekende de term meta-fysica ‘dat wat na de natuur (fysica) komt’. De term was gebaseerd op het werk van de filosoof Aristoteles dat volgde op zijn boek ‘Fysica’.
8. Daarbij is het opmerkelijk dat slechts een kleine hoeveelheid van de DNA-bouwstenen daadwerkelijk voor iets codeert! Het fysieke verschil is daardoor wellicht des te kleiner, het geestelijke des te meer…