21-03-2023

Shmita ‬שמיטה, sabbatsjaar

Het sabbatsjaar‭, ‬shmita‭: ‬שמיטה‭, ‬betekent letterlijk‭: ‬laten vallen‭, ‬loslaten‭, ‬neerwerpen‭. ‬Het wordt ook wel‭ ‬sheviit‭ ‬שביעית‭, ‬zevende‭ ‬genoemd‭. ‬Het is het zevende jaar van de cyclus die God heeft opgedragen in de Torah voor het land Israël‭; ‬in dat jaar moet het volk de rust geven aan het land die God van tevoren heeft bepaald‭. ‬We lezen hierover in het boek Leviticus‭, ‬hoofdstuk 25‭. ‬Om de zeven jaar‭ ‬moet dit gebeuren‭, ‬uitlopende in het jubeljaar‭, ‬na zeven jaarweken‭. ‬Zeven keer zeven is negenenveertig‭: ‬het jaar daarna‭, ‬het vijftigste is het jubeljaar‭. ‬Zover is het echter niet in 2014‭. ‬

Gedurende het shmitajaar moet het land verworden en braak liggen‭. ‬Alle agrarische handelingen zijn verboden‭. ‬Water mag wel gegeven worden aan bomen die er al langer staan‭, ‬net als het wieden en snoeien maar alleen als het preventief is‭. ‬Het mag niet gebeuren om de boom sneller te laten groeien‭. ‬Al het fruit wat hoe dan ook groeit is in feite‭ ‬‘eigenaarloos’‭ ‬en mag geplukt worden door iedereen voor eigen gebruik‭. ‬Er mag geen geld mee verdiend worden‭. ‬

In Deuteronomium 15:1-6‭ ‬zegt Mozes‭: ‬‘Elke zeven jaar moet u algemene kwijtschelding verlenen‭. ‬Dat houdt het volgende in‭: ‬elke schuldeiser moet iedereen die iets van‭ ‬hem heeft geleend zijn schuld kwijtschelden‭; ‬hij mag zijn volksgenoot‭, ‬zijn broeder‭, ‬niet tot afbetaling dwingen‭, ‬want de kwijtschelding is afgekondigd in de naam van JHWH‭. ‬Van een buitenlander mag u wel betaling vorderen‭, ‬maar wat u van een volksgenoot te goed hebt moet u kwijtschelden‭. ‬Overigens zal niemand van u in‭ ‬armoede leven‭, ‬zozeer zal JHWH u zegenen in het land dat Hij u in bezit zal geven‭, ‬tenminste als u Hem gehoorzaamt en de geboden die ik u vandaag voorhoud zorgvuldig naleeft‭; ‬dan zal JHWH‭, ‬uw God u zeker zegenen‭, ‬zoals Hij beloofd heeft‭. ‬U zult aan veel volkeren leningen verstrekken‭, ‬maar zelf hoeft u niet te lenen‭. ‬U zult over veel volken macht uitoefenen‭, ‬maar zij niet over u‭.‬’‭ (‬NBV‭). ‬

Echter‭, ‬het liep anders want men hield zich niet aan dit gebod‭. ‬In 2‭ ‬Kronieken 36:20-21‭ ‬volgt de straf‭: ‬‘De mensen die aan het zwaard ontkomen waren‭, ‬werden als ballingen naar Babel meegevoerd‭, ‬waar ze de koning en zijn nakomelingen‭ ‬als slaven dienden totdat het rijk in handen viel van Perzië‭. ‬Zo ging in vervulling wat JHWH bij monde van Jeremia had voorzegd‭. ‬Zeventig jaar bleef het land braak liggen en had het rust‭, ‬totdat alle niet in acht genomen sabbatsjaren vergoed waren‭.‬’‭ ‬

Het is wonderlijk dat deze tekst in 2‭ ‬Kronieken in het laatste hoofdstuk staat‭, ‬het allerlaatste stukje van de Tenakh en dat dit‭ ‬hoofdstuk eindigt met de opdracht van God aan koning Kores‭, ‬de koning van Babel‭, ‬om de tempel te bouwen te Jeruzalem‭. ‬Daarmee beveelt koning Kores aan alle nog levende Israëlieten in zijn land‭: ‬“De Heere zij met hem‭, ‬en hij trekke op‭!‬”‭ ‬De ballingschap eindigde in de bouw van het Godshuis waar de Israëlieten opnieuw zich mochten hechten aan Hem‭, ‬het opnieuw mochten proberen met het land‭.‬

Wij heden ten dage hier in Israël hebben lege akkers om ons heen‭, ‬die overigens over het algemeen wel goed verzorgd worden‭. ‬Bij‭ ‬sommige akkers zien we wel wat onkruid opschieten‭, ‬maar dat is goed‭, ‬want de wortels hiervan brengen weer voeding voor het land‭ ‬met zich mee‭. ‬Zo zorgt onze God voor Zijn land‭. ‬