Is het Jerushalayim, Tsion, Moriah of toch weer anders?
Vanuit het Hebreeuws, de BronTaal, is het altijd interessant om te onderzoeken wat de grondbetekenis is van de namen van bijvoorbeeld mensen, rivieren, landen en ook steden. Dikwijls geeft men bij de geboorte een kind een naam met de verwachting dat hij of zij zal voldoen aan de betekenis die eraan werd toegedicht. Zo mocht bijvoorbeeld Jozua ben Nun ‘bevrijder’ worden door Israel het Beloofde Land in te leiden. Jehoshua/Jozua יהושע betekent in het Hebreeuws immers ‘hij doet bevrijden.’ Zo is ook de naam van de rivier de Jordaan niet uit de lucht gegrepen want Jarden ירדן in het Hebreeuws betekent ‘de naar beneden gaande rivier.’ Er is geen rivier ter wereld die van een hoogvlakte als de Golan naar het diepste punt op aarde stroomt, de Zoutzee. Je bent je naam.
We vroegen ons af waar de naam van de stad der steden, Jeruzalem ירושלים vandaan komt en wat de diepere betekenis ervan is. Is vervolgens deze betekenis veranderd in de loop der tijden en zal men in de toekomst de stad anders noemen zoals de profeten Jesaja, Jeremia en Ezechiël suggereren…?
De vermelding van de stad Jeruzalem gaat zeker 5000 jaar terug. De stad werd in die tijd Ruslmem genoemd en in latere tijd, in de Amarnabrieven* heette de stad, volgens Dr. I. Eldad, Urusalim. (*Die brieven zijn geschreven op kleitabletten en bevatten administratieve en diplomatieke correspondentie tussen Egypte en Egyptische afgevaardigden die destijds in Kanaän vertoefden).
De stadsnaam Urusalim is verbonden met een Kanaänitische god Yeru Shalem of ook wel Uru Salim. Shalem was een broer van Shahar en beiden waren zonen van de Kanaänitische god El.
De stad werd ook wel Shalem genoemd want in psalm 76:3 staat er “In Shalem is Zijn Sukkah/Tabernakel en Zijn verblijfplaats in Tsion.” Ongeveer 4000 jaar geleden was de ontmoeting, zo lezen we in het Boek Bereshiet/Genesis 14:18, tussen Abram en MelchiTsedek, מלכי צדק koning van Shalem en priester van de Allerhoogste God. El Eljon אל עליון staat er geschreven, Schepper van hemel en aarde.
Abram kende Adonai niet als JHWH, zo openbaarde Hij zich pas bij Mozes, maar hij kende Adonai wel als El Eljon אל עליון (Allerhoogste God) of El Shadai אל שדי (God de Almachtige).
In Richteren 19:10 wordt gesproken over de stad Jebhoes. יבוס Er staat bij vermeld: ‘het huidige Jeruzalem.’ Een priester, die onderweg was en een slaapplaats zocht voor zijn gezin, zei tegen zijn knecht dat hij niet in Jebhoes wilde overnachten: ‘We gaan geen stad vol vreemden binnen, die niet tot het volk van Israel behoren.’ De Jebusieten woonden daar toen nog. Shmu’el/Samuel moest nog geboren worden en David zalven. Deze zou later Jebhoes veroveren.
Hier zien we dus dat met Shalem Jerusalem bedoeld is. Jeru zou, zo menen de kenners, afstammen van het werkwoord jarah, ירה onderwijzen, beregenen maar ook werpen. Jeru zou dan iets betekenen in de zin van een fundering leggen, kennis vastleggen. Jeruzalem is de plaats van de kennis en waar vanuit de kennis en onderwijzing over de hele wereld gaat, zoals Jesaja het profeteerde in 2:3: ‘Ki mitsion tetse torah’. כי מציון תצא תורה Letterlijk gezien zou Jeruzalem ook de fundering van Zijn Schepping zijn. De Rots waaroverheen nu het ‘gouden keppeltje’ staat op het voormalige Tempelplein, heet de Ebhen Shetijah, de funderingsrots. We gaan ervan uit dat op die Rots, die aanvankelijk uitstak boven de dorsvloer van Arauna, waar God in de tijd van koning David de pest deed stoppen, de rots is waar Abraham Itschak יצחק op had moeten offeren en wat later het Heilige der Heilige werd van zowel de eerste als de tweede Tempel.
Dat jeru met onderwijs te maken zou hebben, kunnen we ook linken aan het feit dat een derde Bijbelse naam voor Jeruzalem Moriah מוריה is. Abraham moest naar het land Moriah om daar op de berg Moriah Yitschak/Izaäk te offeren.
De naam Moriah is ook, net zoals Jeru afgeleid van het werkwoord jara, ירה onderwijzen. Maar er is meer: Moriah bestaat in feite uit twee woorden: Mor מור en Jah. Jah יה is de verkorte Godsnaam, verkort van JHWH יהוה wat betekent: gebeuren, geschieden, betrokken aanwezig zijn. Mor heeft meerdere betekenissen en die zijn verrassend te noemen: onder meer betekent het verwisselen, veranderen, maar ook ruilen. Op de berg Moria ruilde God het offer van Jitschaq in voor een ajil, איל een offerlam. Het is opvallend dat de letters het gehele woord ajil voorkomen in één van de namen van God: Elohim. אלהים Zo wordt de ajil dus een voorgestalte van onze latere Messias; God Zelf Die zich laat kruisigen op ditzelfde Moriahgebergte; zoals we zo vaak zeggen: er staan geen toevalligheden in de Bijbel… Zelf is de berg Moriah verwisseld, veranderd van een plaats voor een dorsvloer naar een offerplaats en daarna naar de meest heilige plaats op aarde omdat Hij er Zijn eigen bloed liet vloeien voor de redding van de wereld.
Moriah heeft het niet ‘gewonnen’ van de latere naam Jeruzalem. Moriah is als het ware wel opgegaan in de naam Jerushalayim. Het is interessant te weten dat alleen in het jodendom Jeruzalem Jerushalayim wordt genoemd, als een tweevoud. Het woord eindigt op ayim, wat deze tweevoud beschrijft. Is daarmee de verwijzing naar Shalem, de Kanaänitische afgod, naar de achtergrond geschoven? Is er dan sprake van een hemels en een aards Jerushalayim? Of is het heel praktisch bedoeld: er is de stad Tsion, die hoog ligt en de stad van David, die tientallen meters lager gelegen is. Beiden vormen zij Jerushalayim?
In het Hebreeuwse woord Jerushalayim vinden we de werkwoordstam terug van shilém, betalen. De werkwoordstam van shilem is shalam, שלם wat betekent heel zijn. Bovendien hangt daarmee ook het woord voor vrede, heel zijn: shalom שלום samen. Vrede is een situatie waarbij de schuld is ingelost, vereffend, betaald. Jerushalayim is de stad van waaruit over de hele wereld de vrede zal ontspruiten. Shlomo/Salomo, wiens naam ook verband houdt met het woord Jerushalayim en shalom/vrede, heelheid, was de eerste Koning die Jeruzalem tot een centrum van de wereld maakte, waar de koningen heen trokken voor wijze raad. Hij had tijdens zijn gehele regeringstijd vrede aan alle kanten. Dat was ook de reden waarom hij de tempel mocht bouwen in plaats van zijn vader David, die juist heel veel oorlog te voeren had.
De stad, die daarna zo vaak verwoest is, mogen we, zoals Psalm 122 ons daartoe oproept, vrede toewensen. Stad van de vrede, maar zij is ook een stad van de eenheid zoals er staat geschreven dat de stammen van Israël daar samenkomen (eerst was dat in Shilo, onder Jozua). Ten slotte zal er ook vanuit die stad recht gesproken worden over de volkeren en uiteindelijk de gehele mensheid. De Vredevorst, Jehoshua/Jezus, de ShalomVorst zal ooit vanuit Jerushalayim regeren en daar, op die plek, is de schuld betaald, op Golgotha…
De profeet Zacharia profeteert dat de volkeren zullen optrekken naar Jerushalayim om daar het Loofhuttenfeest te vieren.
We zien door de geschiedenis heen dat Jerushalayim niet altijd vrede heeft gekend. Na de Bar Kochba opstand in de tweede eeuw veranderden de Romeinen de naam van de stad in Aelia Capitolina. Aelia was de voornaam van keizer Hadrianus. Capitolina was een eerbetoon voor de Romeinse god Jupiter. Door de naam van de stad te veranderen, poogden de Romeinen alle banden tussen Joden en de stad te verbreken en zij gingen nog een stapje verder door ook het land van naam te veranderen. Judea werd Syrië-Palestina gedoopt; vernoemd naar de oude vijanden van Israël die allang waren uitgestorven. Door de naam van het land te veranderen hoopten de Romeinen dat de volledige band van het Joodse volk met het land doorgesneden zou zijn. Deze ‘vervalste naam’ heeft het land eeuwenlang gedragen tot in onze tijd, en nog steeds willen miljarden mensen dat het huidige Israël Palestina gaat heten, of althans een deel daarvan. De Romeinen zijn er niet meer, maar Jerushalayim is door het Joodse volk nooit vergeten. Eeuwenlang bleven ook Christelijke patriarchen de heidense naam Aelia Capitolina gebruiken i.p.v. te kiezen voor de naam van de stad zoals David, de profeten en Jehoshua deze noemden: Jerushalayim. Moslims veranderden in de zesde eeuw de naam van de stad in El Kuds A Sarif, de stralende Tempel. Sinds de Kruisvaarders (11e eeuw) heet de stad voor de wereld, behalve voor de moslims, Hierusalem, Jeruzalem.
Een naamsverandering is niet ongewoon in de Bijbel en in het Jodendom. Jozua heette bijvoorbeeld eerst Hosea en Abraham Abram. Wanneer er iets naars met iemand is gebeurd, verandert men soms zijn naam. What’s in a name? Volgens het Hebreeuws ligt je programma als een blauwdruk in je naam, zo betoogden wij aan het begin van dit artikel.
De profeten spreken over een hernieuwde naam in de toekomst voor de enorm getergde en omstreden stad. Jesaja 62:2 spreekt over een nieuwe stadsnaam die Adonai haar Zelf zal geven. Jeremia veronderstelt dat de vernieuwde naam zal zijn: ‘JHWH is onze rechtvaardigheid’, Adonai Tsidkenu (33:16) en Ezechiël’s laatste woorden zijn dat Jerushalayim, hoe dan ook stad der vrede, niet meer de heidense verwijzing naar de Kanaänitische god Shalem zal dragen, maar zal heten JHWH shama, de Heer is daar! Misschien wel uit te spreken als Jehoshama of Jehoshua shama…