(Gepubliceerd in 2019)
Na vierhonderd jaar Turkse overheersing (1517-1917), waarbij de provincie ‘Palestina’ als onderdeel van het Ottomaanse rijk min of meer aan haar lot was overgelaten en er amper bomen stonden, kwam er sinds 1917 een nieuwe bestuurder: Engeland. Aanvankelijk leek dat heel goed te gaan en het land toonde sympathie voor de zionisten die eind 19e eeuw mondjesmaat het land probeerden te herstellen door moerassen te dempen en bomen te planten.
In 1903 al, bood Engeland de Joden aan om hun nieuwe staat te stichten in Brits Oost Afrika (Oeganda). Theodor Herzl, die het eerste Zionistische congres had georganiseerd in 1897, had wel oren naar dit plan maar de meeste leden van de Zionistische beweging wilden dat ‘Palestina’ afgescheiden zou worden van Turkije en dat er een Joodse staat zou verrijzen in het aloude, aan de voorvaderen beloofde, land. Besprekingen tussen Chaim Weizmann (toen de voorzitter van de Zionistische wereldorganisatie) met dhr. Balfour en Lloyd George leidde uiteindelijk tot de Balfour-declaration waarin werd bevestigd dat er een nationaal tehuis voor het Joodse volk zou komen in ‘Palestina.’
Tegelijkertijd kregen de Arabieren ook steun van Engeland om hun eigen onafhankelijkheid uit te breiden. Weizmann had in 1919 een historische ontmoeting met emir Feisal, een zoon van de Hasjemitische sharif van Mekka. Feisal zei zich te verheugen op de samenwerking tussen Joden en Arabieren en noemde de voorstellen van de Zionistische organisatie over de grenzen zelfs bescheiden en juist. Bij besluit van de opperste raad der geallieerden werd ‘Palestina’ in 1920 officieel als mandaatgebied aan Engeland toegewezen en werd dit land met de uitvoering van de verklaring belast.
Israëls recht op het land ligt vast in een aantal bindende documenten. Eerst is daar de resolutie die is aangenomen tijdens de San Remo conferentie die is gehouden van 19 tot 26 april 1920 door de eerste-ministers van Frankrijk (Mitterand), Groot Brittannië (Lloyd George) en Italië (Nitti) en Japanse, Griekse en Belgische afgevaardigden. In deze resolutie is de bewoording uit de Balfourdeclaratie overgenomen. Ook de 52 regeringen van de landen van de toenmalige Volkenbond (waarvan 25 Europese landen) erkenden tijdens een bijeenkomst op 24 juli 1922, op hun beurt het Britse mandaat en de rechtmatigheid van de in de Balfour-declaratie uitgedrukte beginselen waaronder de grenzen van het aan het Joodse volk toebedeelde gebied.
Met de Anglo-American Convention van 3 december 1924 respecteerden de Verenigde Staten, die geen deel uitmaakten van de Volkenbond, het Palestina-mandaat. ‘De San Remo-resolutie, is bindend internationaal recht en is als deel van de boedel van de Volkenbond overgegaan naar zijn opvolger, de Verenigde Naties. De volle soevereiniteit over het land van Israël is daarbij aan het Joodse volk overgedragen. Na afloop van het mandaat blijven volgens volkenrechtelijke principes alle aan genoemde regelingen inherente rechten van het Joodse volk overeind.’ Evenzo geldt dat sinds de Anglo-American Convention, hoewel verlopen, de rechten van het Joodse volk ook door de VS moeten worden gerespecteerd. Tevens werd de Britten opgedragen “om zich alle moeite te getroosten om Joodse immigratie te stimuleren, om het land te bevolken en om het Joodse Nationale Thuis te garanderen.”
Maar vanaf het begin hebben de Britten onder druk van het Arabische nationalisme, de bindende afspraken genegeerd en de immigratie van Arabieren naar het deel wat aan het Joodse volk was toegewezen, gestimuleerd. Reeds in 1922 werd in het zgn. witboek van Churchill de draagwijdte van de Balfourdeclaratie beperkt; daarin wordt ontkend dat het de bedoeling was een uitsluitend Joods ‘Palestina’ op te richten. De Balfourdeclaratie werd uiteindelijk tot het in westen van de Jordaan gelegen gedeelte van ‘Palestina’ beperkt waardoor 80 procent van het aan Israël toegezegde land, volkomen illegaal, aan de Arabieren werd overgedragen.
Joodse immigratie kwam weliswaar gestaag op gang maar een opstand, georganiseerd door de Palestijns-Arabische Haj Amin al-Hoesseini, leidde ertoe dat er een enorme breuk ontstond tussen de twee ‘nevenvolkeren.’ Haj Amin liet Joden aanvallen die bij de Westelijke Muur in Jeruzalem wilden bidden. Toen kwam ook de dubbelrol die Engeland speelde aan het licht. In plaats van deze man in het gevang te gooien, kreeg hij van de Engelsen o.a. de machtige positie van Moefti over Jeruzalem. Hij zorgde ervoor dat alle afspraken tussen Arabieren en Joden teniet gedaan werden. Het niet eerbiedigen door de Britten van de bindende resoluties, heeft de Arabische moslims alle gelegenheid gegeven om Israëls legale recht op het land te bestrijden. Met hulp van historische leugens en met hulp van buitenaf, waaronder Europa, dat zo plechtig de resolutie van de Volkenbond had aanvaard, probeerden/proberen ze het bestaan van Israël uit te wissen.
Er bestaat geen enkele juridische grond, ook niet in het internationale (humanitaire) recht, waardoor Israël verplicht is de, eenmaal aan het Joodse volk toegekende, politieke en nationale rechten op te geven. Stichting van een ‘Palestijnse staat,’ gebaseerd op VN-resoluties is volledig in strijd met vroegere bindende documenten. Het is volkomen absurd en illegaal dat men van Israël eist dat het nogmaals een deel van de overgebleven 20 procent dient af te staan aan een door de wereld gecreëerd volk, dat geen enkel historisch recht op het land heeft en dat zelfs haar vernietiging nastreeft! ‘EuroBabel’ draagt verantwoordelijkheid voor eerder gemaakte afspraken, die zij in het verleden in Volkenbondverband verricht hebben: bekrachtiging van het Palestina-mandaat. Ook de rest van de wereld negeert de bindende afspraken, en doet net of ze niet meer bestaan. Zij noemen de Bijbelse gebieden Samaria en Judea ‘de Westoever’ of ‘de Palestijnse gebieden’ en verkondigen massaal de leugen dat Israël deze gebieden bezet houdt.
In 1909 stichtte men de stad Tel Aviv. Tussen de Eerste en de Tweede Wereldoorlog trokken arme Arabieren uit de omringende landen het toenmalige ‘Palestina’ binnen, aangetrokken door de welvaart die de komst van de Joden naar het Beloofde Land in die streken had gebracht. In Jaffa hebben zich in die tijd Arabieren uit niet minder dan vijftien Arabische landen gevestigd. Sinds de Oslo-Akkoorden in 1991 hebben zich tienduizenden Arabieren uit Jordanië, Egypte, Irak en andere Arabische landen in de Bijbelse gebieden Samaria en Judea gevestigd en daar vele nederzettingen gebouwd.
Honderd jaar na de Weizmann-Feisal ontmoeting zien we maar deels verbetering in de relatie tussen de twee ‘nevenvolkeren.’ Als Israël maar iets aankondigt wat de Arabieren niet zint, zoals de opmerking van Netanyahu dat hij eraan zou willen werken om allereerst de Jordaanvallei te annexeren, dan schreeuwt heel de Arabische wereld moord en brand, het lijken wel de uitlopers van de haatzaaierij van Haj Amin. Deze Moefti heeft overigens in de jaren ’40 ook een ontmoeting met Hitler gehad om te spreken over de vernietiging van het Joodse volk in voormalig ‘Palestina.’
Gelukkig werden de Duitsers ook verslagen in het Midden Oosten en kwamen zij ‘Palestina’ niet binnen: Het volk Israël leeft, Am YIsraël chai עם ישראל חי en het Land is nu voor een aanzienlijk deel terug in handen van hen aan wie het door de God van Israël beloofd is. Hoe dan ook… op een dag… zal de Messiaanse Koning van Israël, Jehoshua, regeren vanuit Jeruzalem over heel de aarde en zullen er nergens op aarde andere goden gediend worden, dus zeker niet in het aloude Harteland van het huidige Israël, Samaria en Judea.