In de Hebreeuwse geloofsbelijdenis dat God Eén is, worden bovenstaande woorden gebruikt. Met Adonai אדני bedoelen wij God, onze Heer. Een adon אדון, ook in modern Hebreeuws, is een heer, adoni אדני mijn heer, oftewel meneer. In het woord adonai is het woord dien דין, recht, verscholen. Dien דין als werkwoord betekent dan ook rechtspreken, oordelen. God is de rechtvaardige Heer en Hij komt om recht te spreken, om recht te zetten wat wij overhoop hebben gegooid en om te oordelen de levenden en de doden, lezen wij in Zijn Woord. Hoor Israël, de Rechtspreker is Elohenu אלהינו. De uitgang –nu נו is onze. Hij is onze Elohiem אלהים. De Hebreeuwse God heeft meerdere namen in de Schrift. Meerdere kanten die Zijn Eenheid weerspiegelen. Hij is getrouw, maar ook rechtvaardig, liefdevol maar ook na-ijverig etc. Elohiem vertaalt men met God. De eerste keer dat er sprake is van God in de Bijbel is in Genesis 1:1 en daar staat Elohiem אלהים in de Hebreeuwse tekst. De uitgang iem ים is de aanduiding voor een meervoud: ‘shebhet achiem gam jachad ,’ broeders die samen zitten (Ps. 133:1, het hineh mah tobh lied). God is echter Eén, hebben we beleden, hoe kan dat dan een meervoud zijn…? We weten, ziende vanuit de Hebreeuwse tekst, dat het werkwoord (her)scheppen in de derde persoon enkelvoud staat, Hij (her)schiep, bara ברא. Derhalve moet Elohiem wel een ‘enkelvoud’ zijn. Hij is wel Eén maar in die éénheid is Hij twee; Woord en Geest, en die Twee zijn Eén! Vergelijk Genesis 1:1-3).
In de Joodse overlevering is Elohiem de aanduiding van God als genadige, goedgunstige God, chesed חסד. Hoe diepzinnig wordt de geloofsbelijdenis die ook Jehoshua יהושע belijdt: ‘Shma YIsraël, Adonai Elohenu, Adonai Echad.’ Hoor YIsraël (en ieder die daarmee mee verbonden is) de Rechtvaardige Oordeler is een goedgunstige, Genadevolle God en Hij is helemaal Eén.