01-03-2023

Bijbels vasten – deel 1

Een woordstudie over het Hebreeuwse woord‭ ‬Tsúm‭, ‬deel 1

Vasten betekent‭ ‬’het zich onthouden van voedsel‭ (‬of drinken‭) ‬voor een bepaalde periode’‭ (‬Esther 4:16‭). ‬In onze tijd van makkelijk beschikbare‭, ‬energierijke voeding wordt vasten eerder gezien als een gezonde optie om‭ ‬‘gifstoffen’‭ ‬uit het lichaam verwijderen‭, ‬als een reiniging voor het lichaam of om het nodige gewicht te verliezen‭. ‬In Bijbelse tijden was voeding echter voor de meesten alleen beschikbaar na verschillende stadia van bewerking op basis van fysieke arbeid‭ (‬denk hierbij‭ ‬aan het maken van een‭ ‬‘simpel’‭ ‬brood‭: ‬zaaien‭, ‬handmatig oogsten‭, ‬dorsen‭, ‬meel kneden en hout halen om te bakken‭). ‬Dit betekent dat vasten inbreuk deed op de‭ (‬energie)reserves van een persoon die elke dag veel fysiek werk moest leveren zodat men zelfs verzwakt kon raken‭. ‬David beschrijft dit zeer beeldend in de Psalmen‭: ‬“Mijn knieën zijn verzwakt‭ ‬door het vasten‭, ‬en mijn vlees is ontoereikend in het vet”‭ (‬Psalm 109:24‭). ‬Vasten deed men dus alleen vanuit een geestelijk oogpunt‭, ‬want in Bijbelse tijd nam men zelfs een risico door te vasten‭, ‬bijvoorbeeld voorafgaand aan een oorlog‭ (‬2‭ ‬Kronieken 20:3‭, ‬Esther 4:3‭).‬

Verootmoedigen van de ziel

Met vasten gaat het dus niet om een soort lichamelijke‭ ‬‘uitputting’‭, ‬maar het richten op een geestelijke toestand‭. ‬Het Hebreeuwse werkwoord voor vasten‭, ‬tsúm‭, ‬komt opvallend genoeg niet voor in de eerste vijf boeken van de Bijbel‭. ‬Wel wordt het werkwoord‭ ‬`ánáh‭ ‬gebruikt‭, ‬dat onderwerpen‭, ‬vernederen of verootmoedigen betekent 1‭). ‬Interessant is dat dit werkwoord in de context van vasten altijd met het Hebreeuwse woord voor ziel‭, ‬nephesh‭, ‬samengaat‭. ‬`ח náh nephesh‭ ‬is dus een bredere term waar het vasten ook onder valt‭. ‬De uitdrukking‭ ‬‘vernederen van de ziel’‭ ‬maakt duidelijk dat vasten om een‭ ‬geestelijk‭ ‬aspect gaat‭. ‬Zo beschrijft Koning David bijvoorbeeld‭: ‬‘Ik verneder mijn ziel‮…‬‭ ‬met‭ (‬of‭ ‬door‭ ‬te‭) ‬vasten‭ (‬tsúm‭)‬’‭ (‬Psalm 35:13‭). ‬‘Vasten‭ ‬met de ziel’‭ ‬houdt ook meer in dan alleen het onthouden van eten of drinken en slaat dus ook op andere zaken die de ziel‭ ‬‘verhogen’‭. ‬Lichamelijke zaken stimuleren de ziel‭ (‬bijvoorbeeld door mooie kleding of lekker eten voelt men zich beter‭), ‬maar het zorgt ook dat alle aandacht naar het lichamelijke gaat‭. ‬Door de ziel te onderdrukken‭, ‬af te zien van lichamelijke afleiding‭, ‬wordt ruimte gemaakt voor het geestelijke‭. ‬

Om de ziel te‭ ‬‘verlagen’‭ ‬en zich te verootmoedigen trok men daarom sombere kleding of een rouwgewaad 2‭) ‬aan‭ (‬1‭ ‬Koningen 21:27‭, ‬Nehemia 9:1‭, ‬Psalm 35:13‭, ‬Daniël 9:3‭) ‬en ontdeed men zich van‭ (‬luxe‭) ‬materiële zaken 3‭) ‬en plezierigheden waaronder gemeenschap met elkaar‭ (‬1‭ ‬Korinthiërs 7‭:‬5‭). ‬Men ging bijvoorbeeld op de grond liggen in plaats van een stoel of een bed te gebruiken‭ (‬2‭ ‬Samuël 12:16‭). ‬Belangrijk is dus dat de mens zowel een geestelijk als fysiek wezen is en hier moet altijd een goede balans in zijn‭. ‬Toch zijn we geneigd ons mee te laten nemen in de sleur van alle dag en onze hang naar materialistische en comfortabele zaken‭. ‬We zien in onze moderne wereld dat het aardse steeds meer terrein wint en dat veel mensen geen ruimte bieden voor de G(g)eest‭. ‬Vasten leert de mens aandacht‭ ‬te schenken aan dat geestelijke aspect‭ (‬Galaten 5:16-17‭). ‬Juist tijdens het vasten citeert Jêhoshuá dit principe uit het boek Deuteronomium‭ (‬Lukas 4:4‭). ‬In de gemeente werd dit in praktijk gebracht waardoor de Heilige Geest ruimte kreeg om de discipelen te leiden‭ (‬Handelingen 13:1-4‭). ‬

1-De term wordt voor het eerst gebruikt op een specifieke gelegenheid‭, ‬namelijk op de Grote Verzoendag‭ (‬Leviticus 16:2‭; 23:32‭). ‬Tijdens deze dag verootmoedigde men zich tegenover God gedurende een dag onder andere met vasten‭. ‬Dit vasten was zo belangrijk dat het bekend kwam te staan als‭ ‬“DE vastendag”‭ (‬Jeremia 36:6‭) ‬of zelfs‭ ‬“Het Vasten”‭ (‬Handelingen 27:9‭).‬

2-In de meeste vertalingen wordt dit vertaald met een rouwgewaad‭. ‬Het is een vertaling van het Hebreeuwse woord‭ ‬saq‭. ‬In het Nederlands komt de uitdrukking‭ ‬‘in zak‭ (‬en as‭)‬’‭ ‬opvallend overeen met het woord‭ ‬‘saq’‭. ‬Het woord wordt ook gebruikt voor jute zakken‭ (‬bijvoorbeeld Jozua 9:4‭). ‬De eerste keer dat dit woord gebruikt wordt is in Genesis 37:34‭ ‬waar Jakob rouwt om Jozefs dood en een rouwgewaad‭ (‬saq‭) ‬aantrekt‭. ‬Een diepzinnigheid die in het Nederlands niet direct duidelijk wordt is dat hetzelfde woord wordt gebruikt voor de zak waarin het voedsel op de ezels van Jakobs zonen werd vervoerd‭. ‬De rouw van Jakob om Jozefs dood werd‭ ‬‘als het ware’‭ ‬meegenomen naar Egypte‭, ‬waar God Jakobs rouwkleed zou veranderen in vreugde‭ (‬Psalm 30:11‭) ‬omdat Jozef nog leefde‭.‬

3-Dit is een vertaling van de term‭ ‬‘hálach‭ ‬‘at’‭ ‬dit doorgaans wordt vertaald als langzaam lopen of met lome tred‭ (‬1‭ ‬Koningen‭ ‬21:27‭), ‬maar het werkwoord‭ ‬hálach‭ ‬betekent ook levenswandel‭. ‬Het betekent dat men ook figuurlijk‭ ‬‘langzaam’‭ ‬leefde door zich van allerlei luxe of comfortabele zaken te ontdoen‭.‬

Periode van vasten

Voor de duur van het vasten in de Bijbel stond geen vaste periode‭. ‬Het varieerde van een dag‭ (‬Richteren 20:26‭, ‬2‭ ‬Samuël 1:12‭) ‬tot een aantal dagen‭ (‬Esther 4:16‭, ‬1‭ ‬Kronieken 10:12‭). ‬Het vasten was soms een collectief initiatief‭, ‬waarbij een vasten werd‭ ‬‘uitgeroepen’‭, (‬1‭ ‬Koningen 21:9‭, ‬21‭; ‬Ezra 8:21‭; ‬Jona 3:5‭) ‬of een individuele actie‭ (‬Numeri 30:1‭). ‬Het vasten‭, ‬als onderdeel van een rouwperiode‭, ‬ging gepaard met allerlei uitingen van verdriet‭ (‬Richteren 20:26‭, ‬2‭ ‬Samuël 12:21‭, ‬Nehemia 1:4‭, ‬Psalm 69:10‭, ‬Zacharia 7:5‭). ‬Een sombere geestelijke toestand tijdens rouw heeft logischerwijs invloed op het eetgedrag 4‭). ‬Een goed voorbeeld hiervan is Hannah die zo verdrietig was dat ze niet meer at‭ (‬1‭ ‬Samuël 1:7‭). ‬Maar het vasten heeft andersom ook zijn uitwerking op de geest‭. ‬Door‭ ‬het lichaam minder aandacht te geven dan men gewend is kan men‭ ‬zich meer richten op God‭. ‬Vandaar dat vasten een teken was van‭ ‬rouw of verlies‭ (‬Richteren 20:26‭, ‬1‭ ‬Samuël 31:13‭, ‬2‭ ‬Samuël 1:12‭).‬

Rouw maar ook Berouw

Vasten vond niet alleen plaats als teken van rouw‭, ‬maar ook‭ ‬berouw‭ (‬1‭ ‬Samuël 7:6‭). ‬Het vasten was hierbij een uiting van een persoonlijke inkeer‭. ‬Bijbels gezien draait het niet zomaar om een‭ ‬spijtbetuiging naar anderen‭, ‬maar om een nederige houding richting God‭. ‬Het Hebreeuwse woord voor benauwde situatie‭, ‬Tsúr‭, ‬heeft woordverband met Tsúm‭, ‬vasten‭. ‬Het is tijdens een benarde situatie wanneer de mens moet vasten‭ (‬Esther 8:11‭, ‬21‭). ‬Vasten is dus altijd een reactie‭ ‬op een‭ (‬dreigende‭) ‬gebeurtenis zoals ziekte‭ (‬2‭ ‬Samuël 1:12‭), ‬een dreigende oorlog‭ (‬2‭ ‬Kronieken 20:3‭), ‬in een moeilijke tijd‭ (‬1‭ ‬Samuël 1:7‭) ‬of een oordeel‭ (‬Jona 3:5‭). ‬Vasten is ook het antwoord van de mens op Gods oordeel‭ (‬Ezra 8:21‭). ‬Met het vasten kan de‭ ‬mens proberen de situatie te veranderen‭ (‬Nehemia 1:4‭, ‬Esther 4:16‭). ‬Een goed voorbeeld hiervan zijn de inwoners van Ninevé die door vasten Gods oordeel afwendden‭ (‬Jona 3:5‭). ‬Ook bij Achab werd Gods oordeel‭ (‬deels‭) ‬afgewend‭ (‬1‭ ‬Koningen 21:27‭). ‬Toch zijn er‭ ‬in de Bijbel ook voorbeelden dat vasten een situatie niet kan veranderen‭. ‬Zo beschrijft de Profeet Jeremia‭: ‬’Ook al vasten ze‭, ‬Ik‭ (‬God‭) ‬zal‭ ‬niet‭ ‬naar hun smeekbeden luisteren’‭ (‬Jeremia 14:12‭). ‬Ook Koning David kon het oordeel van God niet stoppen‭ (‬2‭ ‬Samuël 12:23‭). ‬Toen dit duidelijk werd voor David beëindigde hij ook direct zijn vasten‭. ‬Vasten is dus geen garantie op ons gelijk‭. ‬God blijft een Heilig en soeverein God‭!‬

Wordt vervolgd met‭:‬

Vasten en het Laatste oordeel

Vasten vanuit lichamelijk oogpunt

Oprecht vasten

Een Bijbels principe‭: ‬Vasten‭, ‬opstaan en lofprijzing

Dr‭. ‬R.S‭. ‬van der Giessen