18-10-2022

Jesaja 45:18 en het antropisch principe van de kosmos

Door Sabine Plat

‘Want zo zegt de HEERE, Die de hemel geschapen heeft, die God Die de aarde geformeerd en haar gemaakt heeft. Hij heeft haar gegrondvest, Hij heeft haar niet geschapen opdat zij woest zou zijn, maar Hij heeft haar geformeerd opdat men erop zou wonen.’

‘Het antropisch principe…’ denkt u nu wellicht, ‘wat mag dat wel zijn?’
Goed, dat zal ik meteen uitleggen: ‘antropisch’ betekent: mensgericht (*1). Het heelal waarin we leven, blijkt zó ingericht te zijn dat het bij uitstek leven en levensvormen zoals wijzelf en al het andere wat op aarde leeft, kan bevatten.
Het heeft een aantal zogenaamde natuurconstanten (*2) zoals de lichtsnelheid, het absolute nulpunt (-273,15 graden Celsius) en de zwaartekracht, die op een bepaalde manier met elkaar samenhangen. En dat doen ze op zo’n manier, dat het heelal daardoor geschikt is voor het bestaan van alles wat leeft, inclusief u en ik.
En als maar één van die waarden/die constanten zou veranderen, dan is de invloed daarvan op de andere waarden zodanig, dat de omstandigheden in het heelal minder geschikt, of ongeschikt zouden zijn voor het bestaan van levensvormen. Als bijvoorbeeld de zwaartekracht maar een minuscule fractie anders zou zijn geweest, dan zou er al geen leven bestaan. Hetzelfde geldt voor de krachten in een atoomkern (3*).

Maar niet alleen op de grote schaal van het heelal zien we die bijzondere eigenschappen, die precies goed blijken te zijn voor leven. Ook op onze aarde (bv. in de scheikunde, biologie en geologie) vinden we zulke precies op elkaar afgestelde verschijnselen (4*).

Een planeet om op te wonen
De Bijbel zegt dus, dat de aarde is gemaakt om op te wonen. Wat lezen we in Jesaja 45:18b: ‘Want zo zegt de HEERE, Die de hemel geschapen heeft, die God Die de aarde geformeerd en haar gemaakt heeft. Hij heeft haar gegrondvest, Hij heeft haar niet geschapen opdat zij woest zou zijn, maar Hij heeft haar geformeerd opdat men erop zou wonen.’ (HSV). (Merk hier op, er staat dus dat de aarde goed en gaaf geschapen is, en niet eerst als een soort woeste oersoep. Dan rijst natuurlijk eerst ook de vraag: hoe zit het dan met dat ‘woest en ledig’? Daar zijn verschillende theorieën over. Een theorie zegt dat er iets ingrijpends gebeurde tussen vers 1 en vers 2, bv. de val van satan (bijvoorbeeld omdat in de grondtekst niet staat ‘de aarde was woest en ledig’, maar dat er staat: de aarde hajetah, werd woest en ledig.) Maar je kan misschien ook denken aan een pottenbakker die begint aan een mooi voorwerp, daar heb je eerst ook de nodige rommel bij en stukken die er af vliegen… maar lang duurt die fase niet, er verschijnt al gauw het bedoelde voorwerp.)

In de grondtekst vinden we hier voor ‘om er op te wonen’ het Hebreeuwse woord: לָשֶבֶת, la-she-bhet. Dit komt van het werkwoord jashabh (5*), יָשַׁב , dat is zitten, verblijven, wonen. Jashabh heeft drie letters, de Jod, de Shin en de Beth. De letter Beth ב heeft ook als betekenis huis. Een huis is bedoeld om in te wonen.

En we lezen hier ook: ‘Hij heeft haar geformeerd omdat men erop zou wonen.’ Voor geformeerd staat hier jatsar, יָצַר. Dit woord heeft meerdere betekenissen (*6): maken, formeren, in de juiste vorm gieten, als in boetseren (de pottenbakker!); maar ook binden, in spanning zijn, benauwdheid en ook nauw, smal, beperkt. Dus, kan je zeggen: op een hele speciale manier maken, zó en beslist niet(s) anders, heel precies afgesteld. Dat is nu net wat de wetenschappers zien in de natuurconstanten: alles is heel precies op elkaar afgesteld.

God heeft het heelal én de aarde, heel precies, en heel doelgericht gevormd, geboetseerd en ingericht, opdat wij erin en erop zouden kunnen wonen. Dus antropisch, mensgericht. En ook geschikt voor de dieren 🙂

Een leuk artikel vond ik op de site kennisvannu.nl (*7) met de titel ‘Ons op maat gemaakte heelal’. Ondanks het seculiere uitgangspunt schrijven ze over ‘Gods vrije keus’ en ‘een buitengewoon onwaarschijnlijke samenloop van omstandigheden’ etc. Zo schreven zij (cursivering van mij): ‘Veel wetenschappers zijn allergisch voor het antropisch principe, omdat het in zijn sterkste vorm impliceert dat de evolutie van het heelal een doel heeft, en dan is God ook niet meer buiten de deur te houden. In zijn zwakkere vorm zegt het dat ons heelal afgestemd lijkt te zijn op onze behoeften, omdat er talloze andere heelallen bestaan (zie verderop bij “Meer heelallen?”) waarin de natuurwetten telkens een beetje anders zijn, maar uiteraard zien wij alleen het exemplaar waarin intelligent leven mogelijk is.’

Een paar voorbeelden van omstandigheden die precies goed moeten zijn voor een Aarde met levende wezens (zoals opgesomd op www.geestkunde.net (*8):

‘- De aantrekkingskracht tussen aarde en maan: als die kracht groter was dan hij nu is, zou de invloed op de getijden van de oceanen, de atmosfeer en de rotatieperiode van de aarde te sterk zijn en ook als ze minder sterk was, zouden veranderingen in de omloopbaan en -tijd van de maan voor een onstabiel klimaat zorgen. In beide gevallen zou er op aarde geen leven mogelijk zijn.
– De leefbare zone: dat is een denkbeeldige zone rond een ster (in ons geval is dat ‘onze’ zon – SP). In die zone is het niet zo warm dat eventueel water op een planeet verdampt; maar ook niet zo koud dat het aanwezige water bevriest. Met andere woorden: op een planeet die zich in deze zone bevindt, kan zich water in vloeibare toestand bevinden. Dat is een belangrijke voorwaarde voor leven zoals wij dat kennen.”
– Het zuurstofpeil in de atmosfeer: de atmosfeer van de aarde bestaat voor 21 procent uit zuurstof. Dat nauwkeurig vaststaande getal is een antropische constante die leven op aarde mogelijk maakt. Als het 25 procent was, zouden er spontaan branden uitbreken, als het 15 procent was, zouden mensen stikken.’

In het (overigens seculiere) boek ‘Rare Earth’ betogen de schrijvers Peter D. Ward en Donald Brownlee hoe zeldzaam uniek de aarde is in het heelal. Met name hoogontwikkelde levensvormen, zo betogen ze, hebben ‘te veel’ unieke omstandigheden tegelijk nodig om te kunnen bestaan, waardoor het hoogst onwaarschijnlijk is dat die op veel plaatsen in het heelal voorkomen.

Een huis om in te wonen
Het werkwoord Jashabh, ‘om op te wonen’, heeft dus drie letters waaronder de Beth.
De letter Beth betekent huis. Wat is het veelzeggend dat ook Genesis 1:1 begint met deze letter: ‘Bereshiet bara elohiem eth ha shamajim we et ha arets‘, dus met de letter Beth, alsof de Schepper als eerste tegen ons, Zijn geliefden, wil zeggen: ‘jij mens, je bent gewenst, geliefd, jij hebt een huis! Ik heb jou geplaatst op Mijn goede aarde, om op te wonen, je hebt een plek onder de zon, grond onder je voeten, een muur achter je als ruggesteun, en een dak boven je hoofd.’ Hij geeft ons meteen het basisvertrouwen mee dat we als mens mogen hebben, en ook zo nodig hebben.

Het doet me denken aan een brief die je aan iemand schrijft, die begin je ook niet met ‘Ik…’ Zo begint God ook niet met ‘Zijn letter’, de Aleph, de eerste letter, maar met de Beth.
De letter Beth lijkt ook op een huis ב: erop kijkend van rechts naar links: een bodem, een muurtje en een dak, en een opening om vanuit dat huis de wereld in te trekken.

Jesaja had vast nog geen weet van het antropisch principe van de kosmos. De Geest van God inspireerde hem echter om te spreken van een mensgericht en heel precies afgesteld universum, met daarin een doelgericht in de juiste vorm geboetseerde planeet, waar alles precies goed is voor ons.

***

Meer heelallen?
Sommige mensen geloven dat er meerdere heelallen bestaan. Dit is de zgn. multiversumtheorie. Die theorie stelt dat er naast ons heelal ook andere heelallen bestaan met andere natuurconstanten. Daardoor kunnen daar weer heel andere levensvormen bestaan.
De aanhangers van deze theorie zeggen in feite: ‘Ons heelal is geschikt voor óns, da’s logisch want wij zitten er in. Een ander heelal kan wel heel anders in elkaar zitten en zal dan dus geschikt zijn voor de levensvormen die zich daarin bevinden.’
Men gaat er bij die redenering dan wel vanuit, dat alle levensvormen ontstaan zijn dóór het heelal en de daar geldende natuurwetten, en dus gaat men uit van ‘evolutiedenken’: alles ontstond vanzelf, en uit zichzelf. Ook ontstaat hier de vraag ‘waar komen die heelallen dan vandaan, welk mechanisme zit daar weer achter”.

In verband met deze theorie wordt de fysicus Paul Davies genoemd. Hij somde eens zeven mogelijkheden op (onderstaande lijst is van Wikipedia, *9):

1. Het absurde heelal: het is toevallig zoals het is;
2. Het unieke heelal: door dieperliggende verbanden in de natuurkunde moet het heelal zijn zoals het is. Een theorie van alles zal dit verklaren;
3. Het multiversum: er bestaan meerdere heelallen, met alle mogelijke combinaties van karakteristieken. Uiteraard bevinden we ons in een heelal dat ons bestaan toelaat;
4. Creationisme: een schepper ontwierp het heelal opzettelijk om intelligent leven mogelijk te maken;
5. Het principe van het leven: door een diep beginsel moet het heelal zich ontwikkelen tot leven en bewustzijn;
6. Het zelf verklarende heelal: misschien kunnen alleen heelallen bestaan waarin bewustzijn mogelijk is. Dit is het Participatory Anthropic Principle (PAP) van de natuurkundige John Wheeler;
7. Het nep-heelal: we leven in een simulatie (virtuele werkelijkheid).

Interessant wat hij oppert bij punt 5: ‘Een diep beginsel’. ‘Een diep beginsel’? Dan denk ik dus direct aan Gen. 1:1: In het begin/met een begin/met een beginsel/met een Eersteling, schiep God…”
En bij punt 2 eigenlijk hetzelfde: ‘dieperliggende verbanden’. Wat zijn dat dan? Wat of Wie is daar de oorzaak van?
Al deze opties hebben m.i. óf een Bijbelse associatie, met andere woorden ‘er zit een Schepper achter’, óf zijn vooral fictief en fantasie, en zijn nooit in een experiment te testen en/of te weerleggen.

Afb: afb. bovenaan (met rekenmachine etc.: Lusi, RGBstock / weegschaal: Darktaco, RGBstock

Noten

*1. ‘Het Antropisch principe (Grieks ἄνθρω9ος anthropos = mens) is het door Robert Dicke voorgestelde en door John D. Barrow en Frank J. Tipler verder uitgewerkte idee dat er een nauw verband bestaat tussen ons menszijn en de eigenschappen van het heelal.’
Zie http://nl.wikipedia.org/wiki/Antropisch_principe

2*. Zie voor een lijst van deze natuurconstanten/waarden: https://nl.wikipedia.org/wiki/Natuurkundige_constante

3*. ‘Moderne wetenschap in de Bijbel’, Ben Hobrink, pag. 223.

4*. In ‘Moderne wetenschap in de Bijbel’ verwijst Ben Hobrink hier o.a. naar ‘Nature’s Destiny: How the Laws of Biology Reveal Purpose in the Universe’, Michael J. Denton (‘hoe de biologische wetten doelgerichtheid tonen in het heelal’.

5*. http://biblehub.com/interlinear/isaiah/45-18.htm en http://biblehub.com/hebrew/3427.htm

6*. http://lexiconcordance.com/hebrew/3335.html en http://lexiconcordance.com/hebrew/3334.html

7*. http://dekennisvannu.nl/site/artikel/Ons-op-maat-gemaakt-heelal/7159

8*. http://www.geestkunde.net/woordenlijst/antropisch-principe-1.shtml

9*. Zie https://nl.wikipedia.org/wiki/Antropisch_principe onder ‘Stand van zaken’

Paul Davies schreef ook de boeken ‘The Mind of God’ en ‘Cosmic Jackpot: Why Our Universe Is Just Right For Life’ (ook wel gepubliceerd onder de titel ‘The Goldilocks Enigma’.) Wel erg ‘God/Schepper-gerichte’ titels, voor een evolutionist…!