Jiddisch is een taal die Askenazische orthodoxe Joden vandaag de dag nog spreken. Verschillende universiteiten ter wereld bieden de leergang Jiddisch aan. Het is een mengeling van Hebreeuws en Duits. Een paar voorbeeldjes:
Keetgajes = tierende menigte;
gibbissen = bijten;
keilen = beetje te veel drinken…
kachel worden,’ blauw worden (blauw is in het Hebreeuws kachol)…;
kootzen = rijkaard;
lajenen = voorlezen (uit de Tenach);
kratsnabbel = een kleinigheid;
verpatsen = verkopen;
heichel = kast van het verbond van het Hebreeuwse Hechal, paleis, Tempel.