Tijdens Shabhuoth herdenkt Israël het geven van de Onderwijzing, de Torah תורה bij de berg Sinai. In Ex 3: 12 lezen we dat God Israël uitleidde uit de ellende van Egypte met als doel dat het volk Hem ging dienen bij de berg Sinai. We kunnen derhalve redeneren dat de Torah een ‘dienmodel’ is om God te eren en te leven volgens Zijn wil.
In het “Onze Vader” bidden wij ook: ‘Uw wil geschiede.’ Zijn wil is Zijn wetgeving, Zijn richtingaanwijzer hoe we met elkaar, met de dieren, met de aarde en vooral hoe we met God Zelf dienen om te gaan. De praktische aanwijzingen werden aangevuld met een geestelijke openbaring van Gods Aanwezigheid door middel van shofar/ramshoorngeschal en een aantal indrukwekkende natuurverschijnselen (Ex. 19: 16 e.v.).
Op een gegeven moment trilt de berg Sinai en staat dan zelfs in vuur en vlam. Bijzonder is dat in Ex. 20:18 in de vertalingen staat dat het volk ‘ getuige was van de donderslagen’ maar dat in de Hebreeuwse tekst staat: ve’khol ha’am ro’iem et ha’kolot וכל העם ראים את הקולות
Ro’iem betekent zien en kolot zijn stemmen. God Zelf is een Woord, een sprekende Stem, bij elkaar gevoegde Letters. Hij is letterlijk het ‘Levende Woord;’ ook de verwijzing in die zin naar Jehoshua de Messias, het Woord van in den beginne (Joh. 1:14)
Dat het volk de donder en de bliksem hoorde, de rook en het vuur zag kunnen we makkelijk aannemen maar bezien vanuit de grondtekst lezen we dat het volk ook het wonderlijke schouwspel heeft gezien van de ‘Neerdalende Stem in Lettervorm.’ In Ex. 20:22 staat dat het volk gezien heeft dat God met Mozes sprak, er staat niet gehoord…!
Hoe dan ook, Gods Aanwezigheid met het aanzwellend geluid van de shofar, was een getuigenis voor de generatie Israëlieten in de woestijn en via hen voor alle generaties na hen. Afgezien van dat het Woord letterlijk Aanwezig* was tijdens de overhandiging van de Onderwijzing van God aan het volk, was ook Zijn Heilige Geest Aanwezig. God, de Schepper is immers Woord en Geest (Genesis: ‘ God sprak en het was en… de Geest zweefde over de wateren).’ Door het gebruik van de shofar, een instrument wat aangeblazen wordt door wind, adem, kunnen we opmaken dat Zijn Geest (Ruach) ook aanwezig was bij de gebeurtenissen rond de Berg. Gods Geest is overigens altijd aanwezig bij Zijn spreken.
We kunnen dat laatste terugzien in Gods eigen Taal, het Hebreeuws. In het Hebreeuws kennen we alleen maar de zichtbare letters en de klinkers. De ademklanken, hebben officieel geen vorm, zien we niet. Zonder klinkers kunnen we geen woorden vormen, letter en geest horen bij elkaar. Zo zijn Gods Woord en de Geest volledig een eenheid.
N.b. er zijn in het Hebreeuws 22 letters excl. 5 zogenaamde sluitvormen. Rond de 5e eeuw is er een puntjes en streepjes code, als zijnde klinkers, ontwikkeld als hulpje om mensen die niet vanaf hun jeugd Hebreeuws geleerd hebben te leren lezen. Op een gegeven moment, na oefening heeft men de klinkertekens niet meer nodig om een Hebreeuws boek, de Bijbel of een krant te lezen.
In Handelingen 2 lezen we over ‘ de Pinksterdag’. Daarmee bedoelt de schrijver (naar alle waarschijnlijkheid Lukas) Shabhuoth, de 50ste dag, de herinnering aan de gebeurtenissen bij de berg Sinai, circa 1400 v. Chr.
We zien duidelijke overeenkomsten tussen beide gebeurtenissen. In de woestijn was er de Stem (kol) en het geluid van de shofar, aangedreven door ruach, wind/adem en in Jeruzalem in het jaar 30 was er opeens een geluid (kolot) als van een enorme windvlaag (ruach) te horen en ook ‘ tongen van vuur’ werden gezien. In het Hebreeuws is een tong en taal, uitspraak hetzelfde woord: Lashon לשון .
De Heilige Geest is niet een nieuwe verschijning in Handelingen. Gods Heilige Geest is, was en zal altijd Ademend Aanwezig zijn. *De naam van God, JHWH יהוה betekent onder meer: Aanwezig zijn.