Geen taal als de Hebreeuwse heeft zoveel diepzinnige woordverbanden. Wanneer twee stamletters van werkwoorden gelijk zijn is er dikwijls woordverband te zien en daardoor onthoudt u sneller de woorden.
שור shor = stier heeft woordverband met ישר jashar, rechtdoor gaan,een rechte lijn trekken. Een os/stier kan, als geen ander dier, evt. ook zonder begeleider, een perfect rechte lijn blijven volgen tijdens het ploegen. Dat zul je een ezel of de meeste paarden niet na zien doen…
פלג peleg = splijten en daarvan komt ons woord ploegen, de ploeg die de aarde splijt.
דרך derekh = weg, de directeur en directie wijst de weg hoe een bedrijf moet groeien.
חלום chalom is droom, חלון chalon is raam. Een droom is als het kijken door een raam naar die andere, verborgen wereld.
מזרח mizrach is het oosten, heeft woordverband met זרח zarach, opgaan, stralen. De stralende zon komt op in het oosten.
מערב ma’ arav, westen, van ערב arav, vermengen. Waarvan ook het woord ערבי arabier. De arabische volken zijn een vermenging met andere volken. ערב Erev is avond, in de avond vindt de vermenging van licht en duister plaats en begint de nieuwe dag (het was avond geweest en ochtend, de eerste dag).
צפון tsafon, het noorden met צפן tsafan, verbergen. Het gevaar komt dikwijls uit het noorden, ook nu lijkt dat het geval bij Israëls noordelijke grens. Of komt het van nog noordelijker: in rechte lijn ligt boven Jerushalajim ירושלים de stad Meseq/Moskou.
Be’er באר en bara ברא
De bron באר be’er of soms ook bor, is een startpunt van iets nieuws. Het zal geen toeval zijn, het valt ons eerder toe, wanneer wij ontdekken dat juist bij de באר be’er, de bron, de vrouwen aanwezig waren die later met sommige aartsvaders zouden trouwen (Eliezer trof er Rivka voor Yitschak aan en Jaakov ontmoette Rachel de eerste maal bij de waterbron.
Een be’er באר hield ook Ismaël in leven, schiep daardoor leven en nieuwe moed.
Uit een bron באר komt iets onzichtbaars wat zichtbaar wordt in de geschapen ברא bara wereld.
Bara ברא is het eerste werkwoord in de Hebreeuwse Bijbel. Het is een werkwoord dat specifiek en exclusief verbonden is aan de Schepper Zelf. Nergens in de Hebreeuwse tekst staat er dat een mens iets ‘baraat’. De Adonai van de Bijbel is Zelf ook een Bron. Een Bron van levend water (Jeremia 3: 13).